Kunstenaar Bodil Havermans

  • ZigZag Cultuur
Het werk van Bodil Havermans (@bodilhavermans) volgt een strakke routine. Met een sjabloon van 4 x 4 cm ‘schuift’ ze over de krant, op zoek naar stillevens van beeld of tekst. Om die vervolgens uit te werken (met of zonder epoxy) en te voorzien van een eigen, unieke code. Een eigen methode dus, en zo heeft ze het ook graag.

“Ik ben van nature een ontwerper en dat zie je terug in wat ik maak en hoe. Ik houd van vastigheid. Van precies, liever niet te organisch. Tegelijkertijd kan ik er, vanuit die grip, ook van afwijken. Doorgaan op een lijnenspel bijvoorbeeld. En er iets nieuws van maken.”

Met de paplepel

Haar manier van kijken en drang om te maken heeft ze niet van een vreemde. Haar moeder is kunstenares, haar vader architect én kunstverzamelaar. En ook bij broer Jelle, met wie ze in 2024 een duo-expositie had in het Princenhaags Museum, zat de creativiteit er al vroeg in. “Als kind ging ik altijd al mee naar musea. Dan had ik mijn eigen tekenboekje bij me en zat ik vooral zelf te tekenen. Op die leeftijd begrijp je zo’n museum ook nog niet helemaal, denk ik. Maar op een gegeven moment ga je vanzelf anders kijken.”

Een schoolvoorbeeld van ‘met de paplepel’ dus. Maar hoe geef je daar als jonge maker je eigen vorm aan? Een van Bodil’s belangrijkste inzichten: je hoeft het niet alleen te doen. Hoewel ze ‘haar’ kunstcollectief Zut mMon Sac binnenkort verlaat (“ik wil ruimte maken, zodat er iets nieuws op mijn pad kan komen”), is je verenigen precies het advies dat ze andere makers wil meegeven.
“Zoek gelijkgestemden op, leer samen, bouw samen.”

“Op de academie ontwikkel je jezelf als maker, maar het gaat er maar weinig over wat er daarna komt. Over hoe je er je brood mee kunt verdienen, hoe het werkt als je een kunstwerk verkoopt of een expositie opzet. De zakelijke kant dus, en wat en wie je daar allemaal voor nodig hebt. Dat gaat echt veel beter als je het samen doet. Nu zit dat er in Breda gelukkig echt al wel in, het ‘ons kent ons’, elkaar helpen en elkaar wat gunnen. Het is alleen niet altijd even zichtbaar.”

Unieke werkmethode

Haar unieke werkmethode ontwikkelde ze in 2019. “Ik heb echt onderzocht welk formaat het beste is, dat is 4 bij 4 centimeter geworden. Met dat sjabloon schuif ik pagina na pagina over de krant, op zoek naar beelden of fragmenten die me opvallen. Iemand zei tegen me: jij leest de krant niet, jij kijkt hem. En zo is het ook. Het selecteren van de fragmenten doe ik intuïtief. Het kan een stuk van een foto of illustratie zijn, een letter of een woord. En soms combineer ik fragmenten. Die snijd ik vervolgens uit en vergroot ik digitaal uit, waarmee een nieuwe betekenis of abstracte interpretatie ontstaat.” Haar ontwerpen worden in verschillende materialen uitgewerkt, zoals fine art en riso prints. Of als prints op hout die met epoxy worden overgoten, wat een tegelachtig effect geeft.

“Het allerleukste is als het uiteindelijk bij iemand thuis hangt.” Na de duo-expositie met haar broer, waarbij bijna alles werd verkocht, realiseerde ze zich dat ineens heel veel mensen een werk van haar in huis hebben. “Dat idee vind ik echt te gek.”

Liever niet te commercieel

Tegelijkertijd kiest Bodil er bewust voor om haar werk niet te veel te sturen richting wat ‘verkoopt’. Liever maakt ze wat ze zelf wil laten zien. “Je kunt er ook wat commerciëler mee omgaan, maar dat doe ik liever niet. Het voelt kloppend op deze manier.” Die aanpak betekent wel dat het wat langzamer gaat. “Ik kan nog niet leven van mijn kunst. Ik moet er echt nog dingen naast doen.” Op dit moment is dat een baan in platenzaak Velvet, in de Houtmarktpassage. “Vinyl is ook een passie van me, dus het voelt echt als een hobby. En ik vind de afwisseling heel fijn. Als je de hele tijd 100% creatief moet zijn, wordt het ook veel. Ik denk eigenlijk dat ik dat schakelen altijd wel nodig blijf hebben.”

Eigen werkplaats

Twee jaar geleden bouwde ze haar eigen werkplaats, achter in de tuin van haar ouders.
“Ik werk met materialen waarmee je gewoon niet echt in een gedeeld atelier kunt zitten. Ik heb veel ruimte nodig en moet bijvoorbeeld ook zagen en gieten met epoxy. Dat gaat gewoon niet als je met z’n allen in één ruimte werkt.”

Ze realiseert zich terdege hoe bijzonder die mogelijkheid is. “Wij zijn met ons collectief in vijf jaar al vijf keer verhuisd. Dat zegt denk ik genoeg over hoe lastig het is om een goede, liefst blijvende plek te vinden in Breda. Dat zou ik de stad, en vooral de makers, echt anders gunnen. Cultuur en creativiteit zijn zó belangrijk. Ze brengen mensen samen, zorgen voor nieuwe ideeën en maken een stad levendiger en interessanter.”

bodilhavermans.nl | @bodilhavermans